Van poetsen via racen naar rallyrijden

Het begon allemaal met een Spitfire MkIII. Deze werd regelmatig gepoetst. Echter er kriebelde iets. Boeken over de Le Mans Spitfire's werden verslonden en al poetsend werd er gedroomd over het bereiken van topsnelheden en mooie inhaalacties op een circuit. Na 5 jaar met een Spitfire 4 over diverse circuits te hebben geboenderd lonkte het historisch rallyrijden. Arthur gaf het stuur aan een ander en ging op de bijrijdersstoel zitten. Een enkele keer kruipt hij zelf nog achter het stuur.

Behalve navigeren in de rally verricht Arthur sinds 2009 schouwingen ten behoeve van de door de FEHAC uitgegeven identitycard en zet hij zo nu en dan zelf een rallyrit uit.

 
 

Begin jaren 80 wilde Arthur een Vitesse 1600 motor reviseren. Na demontage bleek helaas de krukas al de 6e ondermaat te hebben.
Nogmaals de krukas slijpen zou niet tot een goed resultaat leiden, want daar waren geen lagerschalen voor te koop. Bovendien zou je dan door de geharde laag heen gaan…… Voor veel geld was dat allemaal wel op te lossen, maar begin jaren 80 kwam het spenderen van veel geld niet aan de orde. Voor weinig werd een ander Vitesse 1600 blok aangeschaft die nog wel reviseerbaar was. Hij bleef zitten met een onbruikbare krukas, en een blok zonder krukas. Van de krukas heeft Arthur in een vlaag van creativiteit een staande schemerlamp gemaakt. In de standaard zwarte blikken bol van een Triumph Herald koplamp is een 220 volt fitting gemaakt en die op de punt van de krukas gemonteerd. Als voet van de schemerlamp is een vliegwiel gebruikt. Staat erg stabiel. Met een schemerlamp van 30 kilo ga je niet snel op de loop. De lamp heeft jaren lang in de hoek van de woonkamer dienst gedaan. Nu staat het ding in Arthur's kantoor annex opslagruimte. Het kale gietijzeren1600 blok misbruik ik soms als aambeeld.

Daarnaast doet Arthur nog wel eens wat met differentieels. Op de gezamenlijke Triumph onderdelendag sta hij altijd met die dingen “ te leuren”, veel mensen zullen dat wel weten. Een flink percentage diffs. zijn niet te redden als hij ze onder handen krijg. De “oud ijzer bak” raakt dan ook al snel vol. Jaren geleden heeft Arthur van een hele serie afgedankte kroon- en pionwielen asbakken gemaakt. De tandwielen aan elkaar lassen, een blikken bodempje erin gemaakt en: klaar. Het exemplaar op de foto heeft blijkbaar een RVS bodempje. Het ding staat al een paar jaar lekker roestig te worden in een achtertuin.

In het voorjaar van 1993 heeft Arthur het silhouet van een LeMans Spitfire in schaal 1 : 1 gemaakt en in de woonkamer aan de muur gehangen. Zo simpel was het eigenlijk. Met behulp van een buizenframe heeft hij de wielen en de losse carrosseriedelen tot een samenhangend geheel gemaakt en in de juiste kleuren gespoten. Ook het nummer op de deur is historisch correct voor Le Mans.
Arthur heeft nog overwogen om het portier scharnierend te maken en daar de (sterke) drank voorraad achter op te bergen, maar dat is er niet van gekomen. In het vorige woonhuis was het silhouet goed zichtbaar vanaf de straat. Vele voorbijgangers bleven verbaasd staan kijken, liepen tegen een lantaarnpaal of vielen bijna van de fiets. Soms keek iemand in de steeg naast het huis om te kijken of de auto daar ook uit de muur stak…..
Ja, je moet wel een echte “petrol head” zijn om een auto in je woonkamer te hangen. Tegenwoordig hangt het silhouet niet meer in de woonkamer, gewoon omdat het niet past, niet omdat we dat niet meer zouden willen. Het ding zou als blikvanger ook boven de ingang van het bedrijfspand kunnen hangen, maar dat is wel een beetje zonde zo in weer en wind. Hij hangt nu binnen in het kantoortje annex opslagruimte, samen met heel veel rallyschilden.